Op deze pagina vind je (in mijn ogen) klassiekers op filmgebied.
Ik zal erbij schrijven waar je op kan letten, zodat deze films je daadwerkelijk kunnen helpen gerichter naar verhalen en hun opbouw te kijken.
De meeste films zijn digitaal te huren en/of bij de bibliotheek te lenen.
Net als bij de boeken geldt ook hier: kwaliteit boven kwantiteit.


White Face (2001)

White Face, een mockumentary (fictieve documentaire) uit 2001 van Brian McDonald met als uitgangspunt: ‘wat als clowns een mensenras waren?’

Je hoort en ziet van diverse clowns wat hun geschiedenis is, waar zij op dagbasis mee te maken krijgen en hoe ze daarmee omgaan. Het toont hoe stereotyperingen en vooroordelen overgaan in (on)bewuste discriminatie. 

Maar waarom clowns voor zo’n belangrijk onderwerp? zal je misschien vragen.
Moeten we niet wegblijven bij fictie wanneer het er écht toe doet? 
Juist niet. 

Er is bewust voor clowns gekozen omdat wij allemaal een beeld hebben van clowns. Het is iets wat wij denken te kennen en daardoor gaan we er allesbehalve blanco in, ook al denken we van wel.
Zo worden we geconfronteerd met onze eigen denkbeelden. De film laat ons niet alleen toekijken, maar het zelf ervaren. 

Wat verder in mijn ogen zo geniaal is en waarom ik van mening ben dat deze korte film algemeen bekend zou moeten zijn, is dat het niet de huidige manier van denken en vooroordelen in stand houdt. Er zijn genoeg ‘sociale experimenten’ waarbij vrijwel altijd opnieuw bevestigd wordt dat iemand met meer wantrouwen bekeken wordt, dat iemand meer/sneller geholpen wordt. etc. Dat brengt ons niet verder.

Door clowns aan het woord te laten, wordt niemand van de kijkers de ‘afwijkende’ gemaakt, en daarmee wordt wat zij meemaken universeel – want reken maar dat het invoelbaar is. De ervaringen zijn waarheid
Tegelijk wordt niemand van de kijkers als ‘dader’ aangewezen en dat maakt dat niemand zich schrap zet of in de verdediging schiet. Waardoor iedereen zich vrijuit in beide partijen kan verplaatsen.

Ik gebruik White Face in mijn lessen Burgerschap. Prachtig wanneer er gemopperd wordt over de clowns; kan je ze er direct fijntjes op wijzen dat discriminatie daar al begint: ik wil best ruimdenkend zijn, maar niet met dat wat ik niet gewend ben/ niet serieus neem.
Ben jij docent en wil jij hier ook mee aan de slag,
mail me gerust voor het lesmateriaal. 


12 Angry Men (1957)
Zie wat werkelijk belangrijk is, zelfs al ben je lange tijd de enige die dat ziet.

In deze film volgen we een jury van 12 mannen, die moeten beslissen of een 18-jarige jongen schuldig is aan de moord op zijn vader of niet.
De uitkomst moet unaniem zijn. Go.

Je ziet bijzonder interessante groepsdynamische processen, zoals de reflex dat de meerderheid altijd gelijk heeft. Elke Wiss, praktisch filosoof, heeft hier een heel boeiende blog over geschreven. 

Visual storytelling
Je zal zien dat de film zich vrijwel geheel in dezelfde ruimte afspeelt. En dan verwacht je misschien dat dit snel saai wordt. Het tegendeel is waar. Als kijker word je in het verhaal gezogen en dit komt mede door een knap staaltje visuele storytelling van regisseur Sidney Lumet. 
In het begin zijn de camerashots wijd; je hebt overzicht, je ziet zowel de 12 juryleden als de ruimte waarin zij zich bevinden. Gaandeweg versmallen de shots. Het mooie is dat je dit als kijker niet bewust opmerkt (nu wellicht wel, omdat je het weet), je voelt enkel het effect dat het op je heeft: het doet de spanning toenemen. De mannen zitten elkaar dichter op de huid, staan meer onder druk en raken meer en meer geïrriteerd. 

Verder is de 18-jarige jongen die terecht staat niet de hoofdrolspeler. Hij komt niet aan het woord en minimaal in beeld. Het verhaal draait ook niet om hem. 
Het verhaal draait om jurylid nummer 8, vertolkt door Henry Fonda. Hij is degene die ons het conflict toont, door als enige te stemmen dat de jongen niet schuldig is. Hij pleit niet eens dat de jongen daadwerkelijk onschuldig is, hij zegt enkel dat hij het niet weet. ‘It’s not easy to raise my hand and send a boy off to die without talking about it first.’

De andere mannen stemmen er (noodgedwongen en met tegenzin) mee in om het er dan over te hebben. 
Jurylid nummer 3 is degene die het langst tegengas blijft geven. Hij wíl niet beter kijken. Uiteindelijk begrijpen we waarom.


It’s a Wonderful Life (1946)
We hebben allemaal zo onze wensen en verlangens voor ons eigen leven. Maar misschien is juist alles wat we tussen die dromen door doen, dat wat er werkelijk toe doet.

James Stewart in de rol van George Bailey, wil niets liever dan reizen en de wereld zien. Avonturen beleven. Telkens gebeurt er echter iets dat zijn plannen doorkruist, waardoor hij zijn woonplaats Bedford Falls nooit verlaat.
George Bailey leeft zijn leven getrouw zijn aard. Evenals zijn vader voor hem, is hij als bankier veel meer bezig met de menselijke kant dan met de zakelijke kant. En hij heeft niet in de gaten wat dit betekent.
Wanneer alle licht voor George gedoofd is en hij een einde wil maken aan zijn leven, krijgt hij van zijn engelbewaarder de unieke kans om te zien hoe het leven in Bedford Falls eruit zou zien als hij nooit geboren was.

Als je het hebt over verhalen met inhoud, is dit een van de beste voorbeelden die je kan treffen. Een film die zoveel meer is dan de som der delen, zoals ook regisseur Frank Capra later zei. 
Kijk de film sowieso twee keer. De eerste keer enkel om de boodschap te voelen. De tweede keer om te zien hoe die boodschap overgebracht is.

Oh, en maak je geen zorgen over zwart-wit: dat zie je na een paar minuten al niet meer. Steven Spielberg liet zijn kinderen altijd kijken naar oude films, omdat hij het kwalijk vond wanneer je enkel een referentie had vanaf de jaren ’70. Voordat de film begon, klaagden zijn kinderen steen en been over dat ze weer een zwart-witfilm moesten kijken, na een paar minuten film zaten ze compleet in het verhaal en na afloop wisten ze niet eens meer dat het een zwart-witfilm was. 

Kijk de tweede keer naar:
– Hoe je in het verhaal geïntroduceerd wordt, op heel natuurlijke wijze.
– Hoe de aard van George getoond wordt en hoe het volkomen vaststaat dat het zijn aard is, geen aangeleerd gedrag.
– Let op het contrast tussen George Bailey en Henry Potter, de zakenman die het grootste deel van het stadje in handen heeft. Op welk(e) punt(en) verschillen zij? Hoe blijkt dat?
– Hoe helder en tegelijkertijd vloeiend de overgang van de eerste naar de tweede akte is.
– Hoe meesterlijk de derde akte de cirkel rond maakt. (En wat het meesterlijk maakt, ligt in de eerste akte, niet in de derde.)  


The Muppets Christmas Carol (1992)
Een hervertelling van Charles Dickens’ klassieke kerstverhaal. En tegelijk een van de versies die misschien wel het meest trouw blijft aan het origineel.

Gonzo (bijgestaan door Rizzo de rat) kruipt in de huid van Charles Dickens, de verteller van het verhaal. Hij fungeert als gids door de film heen.
Michael Caine vertolkt de rol van Ebenezer Scrooge, met Kermit als zijn trouwe employé Bob Cratchit. 

Wat maakt deze verfilming zo meesterlijk en voor vele volwassenen hun favoriete versie?
Het houdt de boodschap van het oorspronkelijke verhaal in ere en vervalt niet in een kinderlijke grappenmakerij. Je kan poppen immers makkelijk gebruiken als kleurrijke schilden om serieuze zaken op afstand te houden. Je kan ze echter ook inzetten zoals in deze film: om de boodschap te ver-beelden, hun kleurrijke eigenschappen juist laten helpen om de duisternis en zwaarte te dragen op hun unieke manier. Ook poppen zijn namelijk meer dan enkel hun uiterlijk, als je ze de kans maar geeft.
Tiny Tim is overduidelijk erg ziek en het gezin Cratchit maakt zich grote zorgen om hem. Michael Caine speelt Scrooge zeer weloverwogen zoals hij gedaan zou hebben wanneer hij bij the Royal Shakespeare Company had gespeeld. Als een uitermate dramatische rol en zonder blijk van besef dat hij omringd is door muppets. 
Brian Henson zei hierover: “You need to go to those dark places to make the ending as joyous as it can be.”
In de film wordt er zelfs naar verwezen, gebruik makend van de techniek ‘acknowledge and dismiss’: erkennen dat het bestaat en direct daarop volgend als onbelangrijk terzijde schuiven. 

Rizzo: ‘Wow, that’s scary stuff. Hey, should we be worried about the kids in the audience?’
Mr. Dickens: ‘No, it’s alright, this is culture.’
Hierdoor voel je je als kijker gezien in een mogelijk gevoel van ongemak, en dan kan je die zorg loslaten. Let op de timing van dit moment en vraag je af: waarom precies daar?

Eerder schreef ik deze blog over Michael Caines vertolking van Scrooge.